Erfenis

Ik zit in de kerk. Ik huil. Een man is dood.

Het is koud en mijn armen doen pijn. Een vriendin had me aangeboden me op te halen, maar met een dankjewel had ik haar van me afgewimpeld. Ik wilde alleen zijn. De tocht naar de kerk viel me zwaarder dan gedacht en voor even had ik de haat om die rolstoel weer gevoeld. Voor even had ik weer beseft dat benen gemaakt zijn om te lopen, niet om je handen op te rusten te leggen nadat ze tientallen minuten je lichaam hebben voortgeduwd. De haat was gaan liggen zodra ik de kerk was binnengerold. Ik leef dan wel zittend, ik leef. De man in de kist vooraan niet meer. Hij was al een tijd uit mijn beeld verdwenen. Het was de vader van de vrouw vooraan. De vrouw met de lange hals, de hals die nog langer lijkt nu ze haar hoofd op haar borst laat rusten. Haar mond fluistert haar hart troostrijke woorden toe, althans zo lijkt het vanaf hier. Ooit was ik het die de woorden fluisterde. Ooit was ik het die haar lange hals nog langer maakte, gewoon door ernaar te kijken. Nog steeds ken ik de smaak van haar nek. Zoetig, zonder sporen van parfum. Die droeg ze niet, omdat de natuur haar werk moest doen. Haar eigen geur moest de juiste man lokken. Was ik de juiste man voor haar? Nee, dat was ik niet. Nooit had ik het beeld van haar vader geëvenaard. Die was sterk en stoer, onschendbaar. Ik was niet onschendbaar. Ik was zoals de auto van haar vader: geblutst en onbruikbaar. Ik weet nog hoe ze naar me keek, daar in het ziekenhuis. De teleurstelling -of was het walging?- omdat ik de auto van haar vader perte total gereden had. Wist ze al dat ik nooit meer zou lopen? Wist ze het al, toen ze mijn koffers naar het ziekenhuis bracht? Wist ze al van het kind dat in haar buik groeide? Het kind. Mijn dochter. Is zij het, die naast haar zit? Is zij het wiens hand op haar schoot rust? Is dit mijn dochter? Dit is mijn dochter. Ik zie haar. Ze groeit, alsof het niets is. Ik zie haar. Mijn dochter.

Ik zit in de kerk. De man die ik moest worden is dood, die vrouw die ik moest beminnen in rouw. Ik huil. Niet om hen. Ik huil om mijn dochter. Een groot geluk de wereld te hebben geschonken wat niemand me ooit dierf toe te schrijven.

indekerk
Naar Amadeo Modigliani

 

Advertenties

Een gedachte over “Erfenis

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s